12 jul 2013

Ribbelstroken op het jaagpad... Je bent nu eenmaal niet alleen.

"Het zal u misschien verwonderen, maar ik ben voor. Ondanks het feit dat ik graag in een peloton rij dat snelheid ontwikkelt. Maar een jaagpad is iets anders", schrijft Björn Rzoska (Groen), Vlaams Parlementslid en gepassioneerd wielertoerist, vandaag in DMorgen.   Ik beken. Ook ik bestijg minimaal één keer per week een koersfiets. In een glitterpakje, jawel. En maal dan graag op zijn minst 100 kilometer. Liefst met wat klimwerk. Tegen een aanvaardbaar tempo.

Ik beken nog iets. Ook ik ben bezig met de laatste nieuwe ontwikkelingen op vlak van versnellingsapparaten, kaders van carbon en wetenschappelijke trainingsmethoden.

Nog een bekentenis. Ook ik geniet van koersen in een peloton. Op de flanken van de Berendries, de Rozier of Alpe d'Huez. En ik besef maar al te goed dat wielertoeristen - sommigen gebruiken consequent het veroordelende 'wielerterroristen' - geen al te beste reputatie hebben als het aankomt op rekening houden met andere weggebruikers. Of met het verkeersreglement.

Afdwingen

Rammelstroken godbetert. Op de jaagpaden. Het zal u misschien verwonderen, maar ik ben voor. Ondanks het feit dat ik graag in een peloton rij dat snelheid ontwikkelt. Maar een jaagpad is iets anders. Daar ontmoeten verschillende gebruikers elkaar, zeker op het moment dat de zon van de partij is. Op dat moment mijd ik als wielertoerist de jaagpaden. Om wandelaars niet te storen. En als het dan toch niet anders kan, dan pas ik mijn snelheid aan. Logisch, gezien ik ook verwacht dat een autobestuurder rekening houdt met een peloton op de weg.

Weinig wielertoeristen weten dat je niet sneller dan 30 kilometerper uur mag op een jaagpad. En dat mag je afdwingen. De rammel- of ribbelstroken zijn bovendien ook een instrument om de groeiende groep elektrische fietsers wat binnen de perken te houden. Begrijp me niet verkeerd, niets tegen een elektrische fiets. Dankzij de elektrische fiets kan een hele groep mensen opnieuw fietsen en dat juich ik toe. Maar we mogen ook niet blind zijn voor de andere kant van de medaille: nog deze week op het jaagpad in Temse langs de Schelde, kruiste ik een jongedame op een elektrische fiets die meer dan 30 per uur reed. Ik had overigens de indruk dat het meer de fiets was die met de bestuurster reed dan andersom. Die groeiende groep nieuwe weggebruikers verdient een duidelijk kader in de wegcode, om ongelukken te vermijden.

Dan maar naar Nederland

Langs de andere kant heb ik begrip voor de vele wielertoeristen die in het jaagpad een uitnodiging zien om eens door te trekken. Welke alternatieven hebben ze? Weinig of geen. Er is immers één rode draad doorheen de vele georganiseerde toertochten die vele duizenden wielertoeristen in het koersseizoen rijden. De kwaliteit van de wegen en de fietspaden in Vlaanderen laat vaak te wensen over. Als ik met de koersfiets naar Brussel rij, dan kan ik over een afstand van 60 kilometer zonder probleem een lijstje geven van fietspaden die ik onderweg trotseer en overleef, waar een automobilist, mochten het rijstroken zijn, nooit over zou willen rijden.

Ik beken nog een laatste iets. Zelf trek ik vaak naar Nederland. Eerst rammel ik tien kilometer op slechte fietspaden, maar eens op grondgebied Axel rij ik als het ware in een fietsparadijs: wegen zonder putten, afgescheiden fietspaden die aangenaam bollen en stroken waar je als wielertoerist zonder problemen de gashendel kunt opentrekken. Zonder andere weggebruikers te hinderen.

Minister Crevits belooft al jaren beterschap, maar mijn ervaring als fietser is dat er op dit terrein in Vlaanderen nog een pak werk is.

Reacties

Please check your e-mail for a link to activate your account.